Raad van State tikt gemeente Utrecht op de vingers vanwege uithuiszetting

De 62-jarige Astrid Figg is door de gemeente Utrecht ten onrechte uit haar woning in de Utrechtse wijk Overvecht gezet. Dit oordeelde de Raad van State op 1 februari 2011.
De gemeente en verhuurder Mitros hadden Figg in april 2010 op straat gezet in het kader van het project ‘Overvecht tegen woonfraude’. Volgens hen had Figg te weinig in haar woning aan de Midasdreef gewoond.
Raadsman Bob Ruers van Wout van Veen Advocaten kaartte de zaak aan bij de bestuursrechter. Hij gaf aan dat Figg altijd trouw haar huur had betaald en dat haar afwezigheid te wijten was aan haar werk en het feit dat zij indertijd haar zieke moeder had verzorgd.
De bestuursrechter stelde de gemeente Utrecht in het gelijk, reden waarom Ruers in hoger beroep ging bij de Raad van State. Die oordeelde dat de gemeente ten onrechte de huisvestingsvergunning van Figg had ingetrokken en dat de gedwongen ontruiming een veel te vergaande maatregel was in soortgelijke gevallen.
Ruers eiste vervolgens dat de gemeente binnen een maand nieuwe woonruimte biedt aan de inmiddels 63-jarige vrouw, die in de tussentijd bij diverse familieleden heeft gewoond.