Resultaten
Om een indruk te geven van ons werk hieronder een aantal successen van het kantoor:
Beroepsziekten
Schadevergoeding voor arbeidsongeschikte ex-werkneemsters: Hoge Raad oordeelt vernietigend over NAK
Wout van Veen Advocaten heeft in juli 2011 voor het Bureau Beroepsziekten van de FNV een geruchtmakende zaak gewonnen: drie werkneemsters van de Keuringsdienst voor Zaaizaad- en Pootgoed (NAK) in Emmeloord zijn door de Hoge Raad in het gelijk gesteld. Dat gebeurde na liefst 12 jaar procederen.
De uitspraak van het hoogste rechtscollege is vernietigend: “Wanneer we de hele gang van zaken bezien, dan is geen andere conclusie mogelijk dan dat NAK de gevaren kende en desondanks aanvankelijk niets effectiefs heeft gedaan. Zij heeft haar werknemers welbewust door laten werken onder ontoelaatbare arbeidsomstandigheden. Mijns inziens kan dat moeilijk anders dan als grove schuld worden gekwalificeerd”, schrijft de Procureur Generaal mr. Spier.
Het Bureau Beroepsziekten FNV en Wout van Veen Advocaten waren in 1999 naar de rechter gestapt, omdat de drie vrouwen arbeidsongeschikt waren geworden en voor hulp naar hun vakbond waren gestapt. Zij leden aan concentratie- en geheugenklachten, chronische vermoeidheid en gewrichtsaandoeningen. Deze klachten werden veroorzaakt door vrijkomend stof bij de verwerking van grasmonsters; het stof bevatte giftige schimmels die het zenuwstelsel kunnen aantasten.
De eerste klachten van de werkneemsters deden zich voor rond de verhuizing van het laboratorium van Ede naar Emmeloord in 1998. Daardoor was in de oude vestiging de afzuiging geruime tijd afgekoppeld. En in de nieuwe behuizing was sprake van een ondeugdelijke aansluiting. Ook werkten de droogkasten niet optimaal, waardoor de schimmels (endotoxinen) in de graspollen zich sterk vermenigvuldigden. Het leidde tot 5000 keer de door de Gezondheidsraad geadviseerde concentratie.
Aanvankelijk stelde de kantonrechter de werkneemsters in het ongelijk. Maar in hoger beroep stelde het gerechtshof de nalatigheid van het NAK vast en veroordeelde de keuringsdienst tot betaling van een voorschot aan de drie werkneemsters van in totaal 40.000 euro. NAK ging vervolgens in cassatie bij de Hoge Raad, die het overheidsbedrijf uiteindelijk veroordeelde.
De laatste etappe in wat door Bureau Beroepsziekten FNV en Wout van Veen Advocaten wel als de ‘Grasmonster-affaire’ is betiteld, zal de vaststelling van de schadevergoeding zijn. Gezien de voortdurende arbeidsongeschiktheid van de drie cliënten zal die schadevergoeding waarschijnlijk hoog gaan uitvallen.
€ 650.000 schadevergoeding, hoogste bedrag ooit bij beroepsziekte
Man (43) krijgt € 650.000 schadevergoeding, het hoogste bedrag dat tot nu toe in Nederland is uitgekeerd aan iemand met een beroepsziekte. De elektricien werkte bij een frisdrankfabriek en stond langere tijd zonder bescherming bloot aan de giftige stof methanol. Marian Deij van Wout van Veen Advocaten verdedigde de man en bracht de zaak tot een goed einde. Lees het hele artikel in Dagblad de Limburger/Limburgs Dagblad.
30.000 euro schadevergoeding voor chauffeur met kapotgetrilde rug
Wout van Veen Advocaten en het Bureau Beroepsziekten van de FNV (BBZ) hebben een schadevergoeding van 30.000 euro geregeld voor een 59-jarige vrachtwagenchauffeur van koeriersbedrijf DHL die met rugklachten in de WAO was beland. De klachten waren ontstaan door jarenlange overbelasting van de rug door trillingen. Bureau Beroepsziekten noemt het ‘een doorbraak’ dat nu voor het eerst ook trilbelasting wordt erkend als reden voor schadevergoeding.
De Rozendaler kwam in 1989 als chauffeur in dienst bij DHL. In zowel dag- als nachtdiensten werkte hij gemiddeld 10 tot 12 uur. De truck met oplegger waarmee hij dagelijks naar de klanten van DHL reed, moest hij zelf laden en lossen. De stoel in de vrachtwagen was volgens BBZ ergonomisch onvoldoende om de trillingen tegen te gaan. In de loop der jaren openbaarden zich rugklachten, waaraan de chauffeur diverse malen moest worden geopereerd. Al die tijd deed de werkgever niets noemenswaardigs om de klachten te voorkomen.
In 2004 was ‘het einde oefening’ en belandde de man in de WAO. Als lid van FNV Bondgenoten meldde hij zich bij Bureau Beroepsziekten van de FNV. Dat maakte er een rechtszaak van. De zaak werd met succes behandeld door mr. Marian Deij van Wout van Veen Advocaten. Uiteindelijk leidde het tot een schikking met de verzekeraar van DHL. Het Bureau dient regelmatig claims in voor werknemers met een kapotte rug als gevolg van jarenlang te zwaar en verkeerd tillen. Het is de eerste keer dat BBZ een dergelijke zaak succesvol afsluit waarbij de oorzaak een te hoge trilbelasting was.
Zie ook dit item in Hart van Nederland over dezelfde zaak.
215.000 euro schadevergoeding na vaststelling OPS
Jarenlang werkte een gritstraler/verfspuiter zonder afzuiging. Op zijn 46-ste werd OPS vastgesteld. De man kan nooit meer werken. Zijn advocaat Govert Jan Knotter van Wout van Veen Advocaten stelde in samenwerking met Bureau Beroepsziekten FNV de werkgever aansprakelijk. “Dankzij een uitstekende advocaat is het gelukt om na tien jaar procederen 215.000 euro schadevergoeding te krijgen,” aldus de gedupeerde. Lees het gehele artikel in Casco 2011-1, Magazine voor leden van FNV Bouw & Infra.
Burn-out
In 2010 hebben onze advocaten voor 2 werknemers, die door hun werk een burn-out hadden gekregen, een flinke schadevergoeding bewerkstelligd. Een accountmanager in dienst van een (levens)verzekeringsbedrijf ontving € 200.000,- en een assistent-bedrijfsleidster in de horeca ontving ongeveer hetzelfde. Beiden waren ziek geworden na jarenlange overbelasting tijdens hun werk.
Verfspuiter krijgt € 125.000,- voorschot
Een verfspuiter die ziek was geworden doordat hij jarenlang tijdens zijn werk schadelijke verfstoffen had ingeademd heeft ook in hoger beroep gelijk gekregen. Het gerechtshof te Den Haag heeft beslist dat een straal- en spuitbedrijf aansprakelijk is voor zijn schade doordat hij OPS (“schildersziekte”) had gekregen en het bedrijf te weinig gedaan had om hem daartegen te beschermen. De verzekeraar van het bedrijf moet nu de volledige schade van de man vergoeden. Dat komt neer op ca. 4,5 ton. Omdat hij al ruim 10 jaar ziek is vindt de rechter het redelijk dat alvast € 125.000 als voorschot aan hem wordt betaald.
Krijgt asbestslachtoffer Hoogovens postuum gelijk?
Siem Strootman, voormalig werknemer van Hoogovens, nu Tata Steel, werkte van 1965 tot 1976 met een zg. hardingswals met remvoeringen van asbest, dat vrijkwam tijdens schoonspuiten met perslucht. Uit rapporten blijkt dat hoogovens al in 1969 op de hoogte was van de schadelijke gevolgen van asbest en in 1972 dat er asbest bij deze remvoeringen vrijkwam. Strootman overleed in 2008 aan mesothelioom, dat zich gemiddeld pas na 30 jaar openbaart. “Uit de rapporten blijkt ook dat Hoogovens niets heeft gedaan om maatregelen te treffen,” zegt zijn advocaat mr. Bob Ruers. Enkele maanden na de dood van Strootman kent de rechtbank in Haarlem, die stelt dat Hoogovens “verwijtbaar tekort is geschoten,” een schadeclaim van € 50.000 toe. Tata ging in hoger beroep. Het arrest van het gerechtshof in Amsterdam moet nog volgen, maar kan grote gevolgen hebben voor een groot aantal werknemers van Hoogovens, aldus asbestadvocaat Ruers, die nog twee processen van andere overleden asbestslachtoffers heeft lopen. Bron: AD 26-1-2011.
Schadevergoeding WAO-er
Het UWV werd veroordeeld tot een schadevergoeding van € 500.000 omdat het onterecht een WAO-uitkering had ingetrokken. Uitspraak Centrale Raad van Beroep, 2006.
Smartengeld bij blootstelling giftige stoffen
Een onderhoudsmonteur liep een zware hersenbeschadiging op door zes jaar werk met giftige stoffen. Na lang procederen over de aansprakelijkheid voor zijn schade kwam vast te staan dat de werkgever betere bescherming tegen de giftige stoffen had moeten bieden (zie hieronder: ‘werknemer invalide door gevaarlijke stoffen’).
Ook nadat tot in hoger beroep kwam vast te staan dat de werkgever aansprakelijk is voor alle schade, was de kous nog niet af. De werkgever betwistte namelijk de schade van de monteur. Opnieuw moesten wij de rechter inschakelen. De rechter vindt dat een arbeidsdeskundige moet kijken naar de misgelopen inkomsten van de monteur.
Wel is onlangs bepaald dat de werkgever € 100.000 aan smartengeld moet betalen vanwege de blijvende schade waarmee hij moet leren leven. De rechter wees al het smartengeld toe dat namens de monteur is gevorderd.
De werkgever bracht in de procedure naar voren dat de gevorderde € 100.000 slechts van toepassing zou zijn bij uitzonderlijk zwaar letsel. De rechter oordeelde dat de gezondheidsschade van de monteur opgevat moet worden als uitzonderlijk zwaar letsel.
Verfspuiter krijgt € 147.500
Voor een 53-jarige verfspuiter, in 1998 arbeidsongeschikt geworden met 2 beroepsziekten, OPS en RSI, is in hoger beroep een schikking bereikt. De rechter vond aannemelijk dat de werknemer ziek was geworden doordat hij te lang, en onvoldoende beschermd, was blootgesteld aan oplosmiddelen en ook dat de RSI was veroorzaakt door de vele knijpbewegingen met een te zware verfspuit.
Kapster krijgt schadevergoeding voor kapperseczeem
Gepubliceerd: 10 juni 2008 11:34 | Gewijzigd: 10 juni 2008 11:35 ANP
Amsterdam, 10 juni. Een kapsalon moet een voormalig medewerkster schadevergoeding betalen omdat zij door haar werk kapperseczeem had opgelopen. Dat heeft de kantonrechter in Leeuwarden bepaald, zo heeft de FNV gemeld. Het is volgens de vakcentrale voor het eerst dat een werkgever in de kappersbranche aansprakelijk is gesteld voor kapperseczeem.
De 32-jarige kapster kreeg in 2001 last van kapperseczeem. Zij werkte toen al twee jaar bij een kapsalon. Behandeling door een dermatoloog mocht niet baten en zij moest stoppen als kapster.
Bij de kapsalon was volgens de kapster het nodige mis. Zo was er gebrek aan goede handschoenen voor het haarverven.
De rechter stelde dat tien jaar geleden niet helemaal duidelijk was wat voor handschoenen gedragen moesten worden en welke werkmethoden moesten worden toegepast. Maar de werkgever had wel maatregelen moeten nemen om de kans op allergie zo klein mogelijk te maken.
Ongeveer 15 procent van de kappers heeft volgens onderzoek last van kapperseczeem. De vakbonden en werkgevers maakten in 2001 afspraken over werkomstandigheden om de aandoening terug te dringen. Volgens Jan Warning van Bureau Beroepsziekten zijn er nog steeds kapsalons met oude, ongezonde werkmethoden.
Werknemer invalide door gevaarlijke stoffen: werkgever aansprakelijk voor alle schade
Een onderhoudsmonteur/elektricien liep een hersenbeschading op door 6 jaar te werken met neurotoxische stoffen, waaronder methanol. Deze meneer loopt daardoor spastisch en kan niet goed meer praten. Een gezonde sterke man werd binnen een paar jaar invalide. Zowel de rechtbank als het Gerechtshof van ’s Hertogenbosch (arrest 1 april 2008) bepaalden dat de werkgever hem beter had moeten beschermen tegen deze stoffen. Nu moet de werkgever alle schade betalen en dat is een hoog bedrag, want deze onderhoudsmonteur is voor de rest van zijn leven 100% arbeidsongeschikt en de kwaliteit van zijn bestaan is drastisch verslechterd. Een voorschot van € 100.000,- moet al direct betaald worden.
Het onderzoeksrapport van een omstreden toxicologisch onderzoeksbureau werd door de rechter van tafel geveegd. Het bijzondere is dat de werkgever ook aansprakelijk is als de blootstelling aan de stoffen binnen de MAC-waarden (Maximaal Aanvaardbare Concentratie) is gebleven.
NS-machinist eindelijk erkenning
De NS moet een schadevergoeding betalen, omdat ze een machinist geen enkele ruimte en begeleiding heeft gegeven bij het verwerken van de gevallen van zelfdoding die hij mee moest maken. Hij werd daardoor langdurig en ernstig ziek. Uitspraak Rechtbank Utrecht 2006
Eerste gewonnen burn-out-zaken in Nederland
De eerste burn-out-zaken waarbij rechtbanken in Nederland de aansprakelijkheid van de werkgever hebben vastgesteld en een schadevergoeding moet worden uitgekeerd zijn door Wout van Veen Advocaten gewonnen. Een planner bij een vervoersbedrijf heeft inmiddels een voorschot toegewezen gekregen. Een medewerker van een verzekeringsmaatschappij kreeg een schikkingsbedrag van € 237.000. De schadevergoeding voor de machinist van de NS moet nog worden uitgekeerd.
Zieke werknemer ruime ontslagvergoeding
Een ICT-medewerker van een bank was 5 jaar ziek door een burn-out, gevolgd door zeer slechte integratie. Omdat de werkgever zulke abominabele arbeidsomstandigheden had veroorzaakt kreeg de man bij ontslag een vergoeding van € 150.000 mee.
OPS-slachtoffer krijgt compensatie
De verffabriek Hunter Douglas moet schadevergoeding betalen aan zijn medewerker die door blootstelling aan oplosmiddelen ernstig ziek is geworden. Een voorschot van € 35.000 is inmiddels betaald, het uiteindelijke schadebedrag is vele malen hoger. Rechtbank Rotterdam april 2006.
Werkgever gestraft voor onterecht ontslag en beroepsziekte
Werkgever Houwelingen moet zijn ex-werknemer (bankwerker/lasser) ruim € 90.000 betalen omdat hij hem onterecht ontslagen heeft vanwege nek- , rug- en andere gewrichtsklachten, die nota bene door het werk waren ontstaan. De hoogte van een tweede schadevergoeding voor de lichamelijke gevolgen van de slechte arbeidsomstandigheden moet nog worden vastgesteld. Tussenvonnis 26/1/2006
RSI als beroepsziekte erkend
Een productiemedewerker in de vleesverwerkende industrie heeft door overbelasting RSI opgelopen. De rechtbank heeft de werkgever veroordeeld tot het betalen van de totale schade, materieel en immaterieel. Een voorschot van € 10.000 is inmiddels betaald. Rechtbank Zwolle-Lelystad 12/1/2006.
Sociale zekerheid
Terugvorderingen PGB ongedaan gemaakt
Een vrouw vraagt voor twee van haar kinderen meerdere PGB’s aan. De besteding van de PGB’s wordt van tevoren door het Zorgkantoor getoetst. De PGB’s worden toegekend. Vervolgens, aan het einde van het kalenderjaar waarop de PGB betrekking heeft, vraagt het Zorgkantoor om specificaties over het eerste half jaar van het betreffende kalenderjaar om de besteding van de PGB’s te kunnen verifiëren. Dan blijkt, hoewel de PGB’s zijn besteed op de wijze waarvoor van tevoren expliciet toestemming is verkregen, dat het Zorgkantoor na “intensieve controle” alsnog de toestemming intrekt. Het Zorgkantoor stuurt de vrouw – in het nieuwe kalenderjaar – een terugvorderingsbeslissing. De PGB’s moeten alsnog worden terugbetaald maar het geld al is uitgegeven: in totaal een terugvordering van in totaal meer dan € 10.000. Namens cliënte is door Elke Lambooy een bezwaarprocedure opgestart. Uiteindelijk is de terugvordering van de PGB’s alsnog ongedaan gemaakt.
Nabetaling uitkering ziekengeldverzekering aan werkgever door verzekeraar
Een werknemer met een gedeeltelijke WAO-uitkering treedt in dienst bij een nieuwe werkgever. De werkgever is op de hoogte van het bestaan van de WAO-uitkering. De werknemer heeft een dienstverband van 30 uur per week. Na enkele jaren moet de werknemer zich voor 50% ziek melden. Werkgever vordert het loon dat hij aan werknemer heeft doorbetaald terug bij zijn ziekengeldverzekeraar. Omdat hier sprake is van 50% arbeidsongeschiktheid, stelt werkgever zich op het standpunt dat 50% van het loon door de ziekengeldverzekeraar aan werkgever dient te worden vergoed. Echter, de verzekeraar vergoedde slechts eenderde deel hiervan. Nadat door werkgever Wout van Veen advocaten is ingeschakeld heeft de ziekengeldverzekeraar alsnog het volledige ziekengeld aan werkgever nabetaald. De ziekengeldverzekeraar had bij aanvang de uitkering vastgesteld op € 15.800. Na correspondentie met Wout van Veen advocaten heeft de ziekengeldverzekeraar vervolgens nog ruim € 32.500 aan werkgever nabetaald.
De ziekengeldverzekeraar verkeerde – ten onrechte – in de veronderstelling dat de WAO-uitkering van de werknemer verrekend mocht worden. Dit is alleen toegestaan indien de WAO uitkering van de werknemer rechtstreeks gekoppeld is aan de ziekmelding van werknemer èn aan de loondoorbetalingsverplichting van werkgever over de ziekteperiode.
Terugvordering door UWV van WW bij startende ondernemer ongedaan gemaakt
Een startende ondernemer ontvangt WW, op voorschotbasis. Daarnaast genereert de ondernemer inkomsten uit zijn startende onderneming. Na afloop van het kalenderjaar wil UWV de WW uitkering met de inkomsten verrekenen, rekening houdend met de hoogte van de winst uit de onderneming. Echter, UWV hanteert nu – onaangekondigd – een andere berekeningsmethode om de hoogte van de winst te berekenen dan bij het toekennen van de WW uitkering aan de ondernemer is toegezegd. Hoewel uit de huidige wet- en regelgeving blijkt dat bij het vaststellen van de winst, ook de ondernemersaftrek moet worden meeberekend, was deze regelgeving ten tijde van toekenning van de WW voor de ondernemer niet kenbaar. De brochure van UWV gaf hierover geen informatie. Bovendien heeft UWV de ondernemer hierover – destijds – onjuist geïnformeerd. Hangende de procedure bij de Rechtbank besluit UWV alsnog de ondernemersaftrek niet terug te vorderen. De terugvordering WW is hierdoor gereduceerd met 50%.
Gesjoemel met loonspecificaties
Een werknemer wordt ziek. Het UWV beoordeelt de WIA-aanspraak. Op grond van de loonopgaves komt het UWV tot een laag dagloon. Gaandeweg blijkt dat de werkgever een hoog nettoloon betaalde, maar in de loonopgaves een laag brutoloon en een zogenaamde onkostenvergoeding vaststelde. Met de werknemer is nooit over onkostenvergoedingen gesproken. Het UWV meent dat de opgave van de werkgever doorslaggevend is omdat het zogenaamde SV-loon centraal staat. Dat de werknemer kan aantonen meer ontvangen te hebben dan de werkgever opgaf, vindt het UWV niet van belang.
De werknemer maakt bezwaar tegen handhaving van het SV-loon. Hij vindt dat gesjoemel met loonspecificaties hem niet mogen treffen. Hij kon niet snappen dat de loonopgaves van de werkgever niet klopten met de werkelijke betalingen en kan aantonen dat de opgave van de werkgever fout is. Uiteindelijk geeft de Commissie Bezwaar & Beroep UWV de werknemer gelijk. De uitkering mag niet gebaseerd worden op de SV-loon-opgave van de werkgever, maar op het werkelijk betaalde loon. De werknemer hoeft niet de dupe te worden van de handelwijze van de werkgever.
Herkeuringen WAO met succes aangevochten
De herkeuringsgolf van mensen in de WAO leidt heel vaak tot een gedeeltelijke arbeidsgeschiktheid. Dat betekent veel inkomensverlies, en de plicht voor mensen met medische klachten om naar werk te zoeken. Cliënten die met onze hulp bezwaar tegen die keuringen indienen, krijgen vaak gelijk. Zo oordeelde de rechter, dat een mevrouw die kanker had gehad onterecht gedeeltelijk arbeidsgeschikt was verklaard; van een man die psychische klachten had gekregen na een beroving tijdens een geldtransport werd het bezwaar tegen de herkeuring gehonoreerd; een cliënt met ME, die psychische klachten kreeg omdat ze door haar werkgever werd gepusht tot reïntegratie, won het bezwaar tegen de herkeuring die haar gedeeltelijk arbeidsgeschikt had verklaard. Diverse zaken worden gewonnen op arbeidskundige gronden, vanwege onzorgvuldige motiveringen, of omdat de belastbaarheid wordt overschreden.
Herkeuring WAO onjuist uitgevoerd
Een secretaresse bij een advocatenkantoor die aan osteoporose lijdt en sinds 2004 een WAO uitkering had werd onterecht goedgekeurd bij de eenmalige herkeuringen van minister De Geus. De Rechtbank Alkmaar gaf eind 2006 UWV opdracht de keuring over te doen, waarna zij weer arbeidsongeschikt werd verklaard. De uitkering werd met terugwerkende kracht hervat.
Gevolgen van beroepsfouten
Foute diagnose arts rechtgezet
Een laborante had door een bedrijfsongeval dystrofie aan haar arm en hand opgelopen. Toen de schade erg groot bleek, oordeelde een expertise-arts van de verzekeringsmaatschappij dat het ongeval de dystrofie niet veroorzaakt had.. De verzekering wilde daarom niet uitkeren. Door een contra-expertise werd dit ongedaan gemaakt en tot 20% invaliditeit geconcludeerd. De Rechtbank Zutphen nam deze conclusie over. De zaak is onlangs geschikt voor € 250.000.
Waarschuwing medisch adviseur
Vanwege het schenden van het beroepsgeheim heeft een medisch adviseur van een verzekeringsmaatschappij van het Tuchtcollege Amsterdam een waarschuwing gekregen. Die adviseur verzond medische gegevens van het slachtoffer aan de advocaat van de tegenpartij. Tuchtcollege Amsterdam juni 2006.
Familierecht
Voor omgang moet woning beschikbaar zijn, ook al woont man hier niet meer
Na een huwelijk van 6 jaar vernam de man dat zijn vrouw wilde scheiden. De vrouw wilde dat de man de woning verliet, zodat zij hier met de kinderen kon blijven. Hoewel de man moeite had met de echtscheidingswensen van de vrouw respecteerde hij deze. Ook was hij bereid elders onderdak te zoeken. Echter, snelle beschikking over nieuwe woonruimte had hij niet. Probleem was dat de man daardoor zijn kinderen niet goed kon opvangen. Tevergeefs probeerde hij met de vrouw te overleggen over de manier waarop hij contact met de kinderen kon hebben, en de plaats waar dit zich moest afspelen. De vrouw vond dat zij geen enkele verantwoordelijkheid had voor de manier waarop de man de kinderen kon zien. Ze stelde voor dat hij met de kinderen naar de ouders van de man elders in het land verbleef. De man wilde juist rust voor de kinderen, en vond dat een omgangsregeling in de echtelijke woning moest kunnen plaatsvinden. Hij vroeg de rechtbank de woning op de contactmomenten met de kinderen aan hem toe te wijzen. De rechter gaf de man gelijk. Omdat het belangrijk is dat de kinderen op regelmatige basis contact hebben met hun vader in een vertrouwde omgeving en de man nog geen vervangende woonruimte heeft moet de vrouw de woning ‘s woensdagmiddags en zaterdags verlaten. Op die momenten kan de man in de woning tijd met de kinderen doorbrengen.
Omgangsregeling gevorderd via kort geding.
Partijen zijn gescheiden in 2001. De procedure verliep met veel discussie over alimentatie en verdeling van de schulden. De (toen 5-jarige) zoon bleef bij de vrouw, en bracht weekenden, een deel van de schoolvakanties en 1 dag doordeweeks door bij de man. In 2009 wilde de vrouw niet meer meewerken aan de omgangsregeling. Zij stelde als voorwaarde dat alsnog alimentatie werd betaald. De man nam hier geen genoegen mee. Hij vroeg de kortgedingrechter vast te stellen dat de financiële discussie helemaal los stond van de omgang. De rechter heeft dit beaamd, en de vrouw bevolen mee te werken aan het contact tussen vader en zoon. Voor de zekerheid werd een dwangsom vastgesteld. Gelukkig hoefde deze niet opgelegd te worden. Sinds de zomervakantie 2009 ziet de man zijn zoon als vanouds.
Partneralimentatie.
In een echtscheidingsprocedure ontstond financiële discussie. De vrouw had een WIA-uitkering van ongeveer € 800 netto per maand. De man had sinds een paar jaar een eigen bedrijf en verdiende een bedrag van ongeveer € 3.000 netto per maand. De vrouw wilde een financiële bijdrage van de man, maar deze vond dat hij niet kon betalen. Hij gaf gegevens van zijn boekhouder. Verschil van mening bestond over de berekeningen. De man ging uit van het bedrijfsresultaat na vermindering van fiscale aftrekposten. De vrouw vond dat de aftrekposten niet mee mochten tellen. De rechter vond met de vrouw dat de man alimentatie moest betalen, en stelde deze vast op € 500 bruto per maand.
Kort geding / straatverbod.
Na een paar jaar verbrak de vrouw haar LAT-relatie met de man. De man nam hier geen genoegen mee. Hij viel de vrouw lastig in en rondom haar appartement. Buren klaagden bij de politie over de overlast. Volgens de man nodigde de vrouw hem steeds uit in het appartement en begon zij de ruzies. Buren konden echter bevestigen dat de man op eigen initiatief bij de flat kwam, en niet luisterde als de vrouw hem probeerde weg te sturen. Uiteindelijk heeft de vrouw de kortgedingrechter gevraagd de man te verbieden haar te benaderen en een straatverbod op te leggen. De rechter wees de vorderingen toe en verbood de man in de straat van de vrouw te komen. Als de man het verbod schendt moet hij per overtreding een dwangsom aan de vrouw betalen.
Varia
Raad van State tikt gemeente Utrecht op de vingers vanwege uithuiszetting
De 62-jarige Astrid Figg is door de gemeente Utrecht ten onrechte uit haar woning in de Utrechtse wijk Overvecht gezet. Dit oordeelde de Raad van State op 1 februari 2011.
De gemeente en verhuurder Mitros hadden Figg in april 2010 op straat gezet in het kader van het project ‘Overvecht tegen woonfraude’. Volgens hen had Figg te weinig in haar woning aan de Midasdreef gewoond.
Raadsman Bob Ruers van Wout van Veen Advocaten kaartte de zaak aan bij de bestuursrechter. Hij gaf aan dat Figg altijd trouw haar huur had betaald en dat haar afwezigheid te wijten was aan haar werk en het feit dat zij indertijd haar zieke moeder had verzorgd.
De bestuursrechter stelde de gemeente Utrecht in het gelijk, reden waarom Ruers in hoger beroep ging bij de Raad van State. Die oordeelde dat de gemeente ten onrechte de huisvestingsvergunning van Figg had ingetrokken en dat de gedwongen ontruiming een veel te vergaande maatregel was in soortgelijke gevallen.
Ruers eiste vervolgens dat de gemeente binnen een maand nieuwe woonruimte biedt aan de inmiddels 63-jarige vrouw, die in de tussentijd bij diverse familieleden heeft gewoond.
Woningcorporatie waarschuwt huurder niet voor asbest
Huurders worden bedreigd door asbest, meldt het AD. Uit een inventarisatie van de krant onder asbestinspectie-en saneringsbedrijven blijkt dat niet alle 418 woningcorporaties waarschuwen voor het kankerverwekkende spul. Tijdens het klussen komen de huurders dan onbewust in aanraking met het materiaal.
Kamerleden van VVD, PvdA, CDA en SP vinden dat de bedrijven een asbestinventarisatie moeten uitvoeren.
Zo overkwam het de 53-jarige Linda van der Mark dat zij tijdens het opruimen van een oud keukenzeil met een zware schuurmachine op een laag asbest stuitte en onbewust asbestvezels inademde. Haar advocaat Bob Ruers van Wout van Veen Advocaten verdedigt de zaak.
Werkgever moet alsnog 2 jaar ziekengeld betalen
Een werknemer start in de bouw bij een uitzendbedrijf. Na enkele maanden krijgt hij een vast contract. Vervolgens valt hij van de steiger en raakt arbeidsongeschikt. Sindsdien betaalt zijn werkgever geen loon meer. De werknemer vraagt waar zijn geld blijft. De werkgever vertelt dat het UWV de betalingen regelt. Hulpvaardig legt de werkgever de werknemer allerlei papieren voor, waarmee het UWV gemakkelijker tot betaling overgaat. De werknemer, suf van pijn en medicatie, tekent de papieren, wendt zich tot het UWV en krijgt een uitkering. Later beseft hij dat de werkgever hem ontslagpapieren heeft laten tekenen. Hij vraagt alsnog betaling van het loon waarop hij tijdens ziekte recht heeft. De werkgever weigert betaling. De werknemer start een procedure bij de kantonrechter. In de procedure blijkt dat er verschillende contracten zijn: uitzendcontracten, een contract voor onbepaalde tijd, en een ontslagovereenkomst. De werknemer legt uit dat hij niet alles heeft begrepen bij ondertekening. De rechter vindt dat de werkgever moet bewijzen dat het contract voor onbepaalde tijd niet geldig is. Dit lukt de werkgever niet. Uiteindelijk veroordeelt de kantonrechter de werkgever tot betaling van 2 jaar ziekengeld.
Moet de werkgever er actief voor zorgen dat een werknemer zich niet over de kop werkt, ook als de werknemer nooit klaagt?
Een werknemer raakt arbeidsongeschikt als gevolg van veel te hard werken gedurende een lange periode. De diagnose van de keuringsarts luidt burn-out. Zij krijgt een WAO-uitkering en een jaar later ontslag. Zij stelt daarop haar werkgever aansprakelijk omdat die zijn wettelijke zorgplicht niet zou zijn nagekomen. Zij kreeg een hoeveelheid werk opgedragen die niet in 40 uur per week kon worden uitgevoerd, maar in 60.
De rechter oordeelde dat de werkgever moet ervoor zorgen dat ook extra werk ‘in beginsel’ binnen 40 uur verricht kan worden. De werkgever kende bovendien de werkhouding en mentaliteit van de werknemer uit de beoordelingsgesprekken. De werkgever had kunnen en moeten weten dat zij vele overuren maakte en gezien de extra werkzaamheden overbelast was. De werkgever had er op bedacht moeten zijn dat zij een bijzonder risico liep. Zeker als zij belast werd met extra werk. Maar ook met werk waarop zij niet voldoende voorbereid was. De werkgever had zijn beleid op haar moeten afstemmen en meer de vinger aan de pols moeten houden. In dit geval is de werkgever aansprakelijk. Govert Jan Knotter van Wout van Veen Advocaten behandelde deze zaak.
Lees het hele artikel op http://weblogs.nrc.nl/rechtenbestuur/2011/03/24/de-uitspraak-de-werknemer-die-nooit-klaagde-en-zich-stilletjes-over-de-kop-werkte/ en de uitspraak van het Gerechtshof.